Print

2023 nr. 5 – november

Wijzigingen GMH Code per 2024 | Alle voorschriften over transparantie in paragraaf 5 | Overige aanpassingen | Overige aanpassingen | Extra ingelaste training: digitale toelichting op wijzigingen GMH Code 2024.

Inhoudsopgave:

  • Wijzigingen GMH Code per 2024
  • Extra ingelaste online training: toelichting op wijzigingen GMH Code 2024

Wijzigingen GMH Code per 2024

Zoals in eerder Nieuwsbrieven al is aangekondigd, verandert er per 1 januari 2024 het een en ander in de GMH Code. Het merendeel van de aanpassingen vloeit voort uit het Verbeterplan dat de GMH gezamenlijk met de CGR en het TRZ heeft opgesteld. Deze aanpassingen hebben betrekking op transparantie. Verder is een aantal technische en tekstuele verduidelijkingen doorgevoerd en is de toelichting bij de gedragscode geactualiseerd. Dit laatste betekent dat de adviezen van de Codecommissie van de GMH tot en met oktober 2023 in de toelichting zijn verwerkt.

De integrale tekst van de GMH Code 2024 vindt u op de website. Let op: de huidige versie van de GMH Code geldt nog tot 1 januari 2024. Daarom zal de tekst van de GMH Code 2024 alleen in pdf beschikbaar zijn. De artikelsgewijze vermelding op de website zal worden aangepast op 1 januari 2024.

Hieronder een kort overzicht van de voornaamste aanpassingen.

Alle voorschriften over transparantie in paragraaf 5

In de GMH Code 2024 zijn bepalingen die met transparantie te maken hebben ondergebracht in één integrale paragraaf. In deze paragraaf zijn bepalingen opgenomen over:

  • disclosure/(her)kenbaarheid posities en relaties (art. 23)
  • interne melding/goedkeuring van RvB instelling (art. 24-26)
  • openbaarmaking in Transparantieregister Zorg (art. 27-33)

Door alle bepalingen over transparantie bij elkaar te zetten wil de GMH het belang van transparantie benadrukken. Voor een deel gaat het dus om bepalingen die voorheen al elders in de GMH Code waren opgenomen (en daar nu dus verwijderd zijn). Voor een ander deel gaat het om een aanscherping en/of uitbreiding van de bestaande voorschriften. De belangrijkste aanscherpingen/uitbreidingen sommen wij hieronder voor u op.

1. Interne goedkeuring raad van bestuur sponsor- en dienstverleningsovereenkomsten (art. 25)
Voor het aangaan van een sponsoring- of dienstverleningsovereenkomst is de aantoonbare voorafgaande toestemming van de raad van bestuur vereist (art. 25 lid lid 1). Art. 25 lid 2 bepaalt expliciet dat deze toestemming moet blijken uit de handtekening van of namens de raad van bestuur. In de praktijk kan het voorkomen dat een zorgprofessional aan meer dan één instelling verbonden is. In dat geval moet toestemming verkregen worden van de raad van bestuur van de instelling waarvoor de betreffende overeenkomst het meest relevant is. De raad van bestuur van de andere instelling(en) waar de zorgprofessional deels ook werkzaam is, dient te worden geïnformeerd (lid 3).

2. Interne meldplicht vergoeden kosten deelname bijeenkomsten (art. 24)
Indien een zorgprofessional een overeenkomst sluit met een leverancier over het vergoeden van kosten voor deelname aan een bijeenkomst in de zin van de artikelen 9, 10 of 11, dient dit door de zorgprofessional bij de raad van bestuur te worden gemeld (art. 24 lid 1). Dit geldt ook in het geval de leverancier de kosten niet aan de zorgprofessional vergoedt, maar rechtstreeks voor zijn rekening neemt. De meldplicht geldt niet voor deelname van een individuele zorgprofessional aan een bijeenkomst die door een derde wordt georganiseerd en door een of meerdere leveranciers wordt gesponsord. De meldplicht geldt ook niet voor vergoeding van kosten in het kader van bijeenkomsten in de zin van artikel 12 of satellietbijeenkomsten in het kader van artikel 9 lid 5. In het geval een zorgprofessional aan meerdere instellingen verboden is, moet de gastvrijheid door de zorgprofessional worden gemeld bij de instelling waar hij/zij in overwegende mate werkzaam is.

3. Verplichtingen instellingen (art. 26)
Instellingen hebben een zelfstandige verplichting in het naleven van de voorschriften over intern melden resp. voorafgaande toestemming. Deze verplichtingen zijn omschreven in art. 26 lid 1 en komen erop neer dat zij moeten zorgen voor:

  • een (centrale) procesinrichting m.b.t. tot het verlenen van goedkeuring van sponsor- en dienstverleningsovereenkomsten, met inbegrip van de eventueel gedelegeerde bevoegdheden in dit kader;
  • (centrale) afspraken m.b.t. administratie en financiële uitvoering van de goedgekeurde sponsor- en dienstverleningsovereenkomsten en het afleggen van verantwoording daarover;
  • het inrichten van een (centrale) administratie van de goedgekeurde en gemelde sponsor- en dienstverleningsovereenkomsten.

Ook moeten instellingen zorgdragen voor een proces m.b.t. het melden van betalingen of vergoeding van kosten voor bijeenkomsten aan de raad van bestuur van de instelling, met inbegrip van de eventueel gedelegeerde bevoegdheden in dit kader (art. 26 lid 2). De GMH Code stelt geen nadere eisen aan de wijze waar instellingen nader invulling geven aan artikel 26. In de toelichting wordt ter illustratie verwezen naar de Handreiking Governance financiële relaties zorgprofessionals en industrie. Versie 2.0 van deze Handreiking is onderschreven door de NVZ, NFU en FMS.

4. Meldplicht TRZ uitgebreid met nieuwe beroepsgroepen
Vanaf 2024 geldt de verplichting om bepaalde financiële relaties in het TRZ te melden niet alleen voor artsen, maar ook voor verpleegkundigen, verpleegkundig specialisten en physician assistants, alsmede voor de samenwerkingsverbanden en instellingen waarin zij werkzaam zijn (art. 27 lid 1). Dit betekent dat bij de openbaarmaking door het TRZ over 2024 (medio 2025) voor het eerst ook voor de hulpmiddelensector gegevens over de financiële relaties tussen leveranciers en verpleegkundigen, verpleegkundig specialisten en physician assistants zullen worden meegenomen.

5. Ook melden sponsoring patiëntenorganisatie verplicht
Nieuw is dat vanaf 2024 ook de sponsoring van patiëntenorganisaties door leveranciers van hulpmiddelen in het TRZ moet worden vermeld (art. 33). Hiermee wordt aangesloten bij de Code Geneesmiddelenreclame (CGR Code), waarin deze verplichting al langer is opgenomen.

6. Welke gegevens aanleveren en welke gegevens openbaar gemaakt
Voor de overzichtelijkheid is in de artikelen 28 tot en met 33 per type relatie aangegeven welke gegevens in het TRZ openbaar gemaakt moeten worden:

  • Art. 28 → dienstverlening
  • Art. 29 → sponsoring van projecten/activiteiten/onderzoek
  • Art. 30 → sponsoring van bijeenkomsten (in de zin van art. 9)
  • Art. 31 → gastvrijheid bij door derden georganiseerde bijeenkomsten
  • Art. 32 → gastvrijheid bij door leverancier(s) georganiseerde bijeenkomsten
  • Art. 33 → sponsoring van patiëntenorganisaties

Let op: voor dienstverlening is de verplichting om te melden in het TRZ uitgebreid. Naast de honorering voor de dienstverlening moet vanaf 2024 ook de onkostenvergoeding in het TRZ worden opgenomen.

Overige aanpassingen

De belangrijkste overige aanpassingen en verduidelijkingen van de GMH Code zijn:

1. Art. 1 onder i: aan de definitie van het Transparantieregister Zorg (in de gedragscode voortaan overal afgekort als TRZ) is ter verduidelijking opgenomen dat het TRZ een register is voor registratie van financiële relaties tussen leveranciers enerzijds en (samenwerkingsverbanden van) zorgprofessionals, instellingen en patiëntenorganisaties anderzijds.
2. In artikel 9 (Door onafhankelijke derden georganiseerde bijeenkomsten) is in lid 5 verduidelijkt dat bij parallelle symposia tijdens een door een derde georganiseerde bijeenkomst voor wat betreft de hoogte van de kosten die de leverancier voor zijn rekening mag nemen, rekening moet worden gehouden met de maximumbedragen uit artikel 12.
3. In artikel 13 (dienstverlening) zijn de eisen verduidelijkt voor het geval in het kader van dienstverlening afspraken worden gemaakt over een vergoeding die gezien kan worden als een royalty die verband houdt met intellectuele eigendomsrechten (denk aan een octrooirecht). In de toelichting wordt daarvoor verwezen naar de MedTech Europe Code.
4. In art. 16 (sponsoring van studiebeurzen) en art. 17 (sponsoring van onderzoek) is verduidelijkt dat op deze sponsorrelaties de algemene eisen voor sponsoring uit artikel 15 van toepassing zijn, naast de specifiek in dat artikel genoemde eisen.
5. In de toelichting bij art. 13 over dienstverlening staan de nieuwe, in 2024 geldende maximum uurtarieven vermeld. Zie hierover ook GMH Nieuwsbrief 4.

Voorts is de toelichting bij de GMH Code op diverse punten verduidelijkt een aangepast met de sinds de laatste wijziging verschenen adviezen.

Extra ingelaste training: digitale toelichting op wijzigingen GMH Code 2024

Om u snel wegwijs te maken in de nieuwe indeling van de GMH Code en de belangrijkste veranderingen toe te lichten organiseert de GMH twee extra digitale trainingen op:

  • Vrijdag 1 december a.s. 10.00-11.30 uur
  • Woensdag 6 december a.s. 13.00-14.30 uur

Kosten voor deelname aan deze digitale trainingen bedragen € 100 voor deelnemers die lid zijn van een bij de GMH aangesloten partij en € 250 voor overige deelnemers. U kunt zich hier aanmelden voor deze trainingen.

1 november 2023|

Nieuwsbrieven per jaar