A23.05 Honorering dienstverlening
Het advies is aangevraagd door het bestuur van de Stichting GMH (hierna: ‘het bestuur’) naar aanleiding
van meldingen die zijn gedaan bij het Transparantieregister Zorg (hierna: ‘TRZ’) over het jaar 2022.
Feiten
Het ging om een financiële relatie die was gesloten tussen een in het buitenland gevestigde leverancier en de instelling waar een zorgprofessional (medisch specialist) werkzaam was. Deze financiële relatie was in het TRZ gemeld in de categorie dienstverlening, op naam van de zorgprofessional. De diensten bestonden uit diverse consulting services. Als vergoeding was per sessie van 4 uur een vast bedrag afgesproken van € 1.400.
Leerpunten uit het advies Toepasselijkheid GMH Code
- Het feit dat een leverancier niet in Nederland is gevestigd doet aan de toepasselijkheid van de GMH Code niet af. De GMH Code is van toepassing op alle interacties die invloed zouden kunnen hebben op beslissingen van zorgprofessionals in Nederland.
- Als er een band bestaat tussen de in het buitenland gevestigde leverancier en een Nederlandse leverancier die bij een van bij de GMH aangesloten koepels is aangesloten, impliceert dat ook gebondenheid van de buitenlandse leverancier aan de GMH Code.
- Bovendien is de GMH Code sowieso van toepassing op de zorgprofessional, zodat reeds daarom de Codecommissie bevoegd is om de financiële relatie te toetsen.
Inhoudelijk
- Iedere dienstverleningsovereenkomst waarbij een Nederlandse zorgprofessional is betrokken, moet aan de regels van artikelen 13 en 14 GMH Code voldoen.
- In de dienstverleningsovereenkomst moet duidelijk zijn vastgelegd wat de vergoeding is voor de diensten en hoe deze wordt Dit betekent dat in de dienstverleningsovereenkomst altijd een uurtarief moet zijn vastgelegd en moet (vooraf) worden ingeschat (en in de overeenkomst vastgelegd) hoeveel uur de zorgprofessional naar verwachting aan de verschillende diensten zal besteden. Achteraf moet verantwoording over de bestede tijd worden gegeven. Het uitsluitend vermelden van een lumpsum bedrag is dus niet toegestaan.
- Het overeengekomen uurtarief mag niet hoger zijn dan de maximumbedragen die de GMH heeft bepaald (toelichting op art. 13 GMH Code).
- In de overeenkomst moet worden vastgelegd of er reiskosten of andere (on)kosten worden vergoed zijn dan wel of er gastvrijheid wordt verleend, zodat kan worden beoordeeld of aan art. 13 lid 4 en art. 13 lid 5 wordt voldaan.
- De dienstverleningsovereenkomst moet duidelijk maken op welke wijze partijen voldoen aan de verplichting tot openbaarmaking in het TRZ.
- Als een dienstverleningsovereenkomst namens een divisie/afdeling van een instelling wordt ondertekend, betekent dat niet dat daarmee ook de toestemming van de raad van bestuur is
- Alle bij een dienstverleningsovereenkomst betrokken partijen, dus zowel de zorgprofessional/ de instelling als de (internationaal opererende) leverancier, dienen zich bewust te zijn van de toepasselijkheid van de in Nederland geldende wetgeving en zelfregulering en deze na te leven.
13 november 2023
Advies A23.05
Nummer:
A23.05
Onderwerp(en):
Dienstverlening, Transparantieregister Zorg
Type:
Advies
Instantie:
Codecommissie
Datum advies:
13-11-2023
Relevante artikelen:
Het officiële document: