A17.01 Internationale bijeenkomst voor beleidsmakers van ziekenhuizen

Aan de Codecommissie van de stichting Gedragscode Medische Hulpmiddelen (hierna: de Codecommissie) is op grond van artikel 37 van het Reglement van de Codecommissie en Commissie van Beroep de vraag voorgelegd of het vergoeden van kosten voor deelnemers aan een door het bedrijf georganiseerde bijeenkomst in Barcelona, is toegestaan op grond van de GMH.

Achtergrondinformatie

Bedrijf A organiseert op in 2018 een Europese bijeenkomst in Barcelona. De opzet is een wetenschappelijk forum. Het programma bestaat uitsluitend uit lezingen over de wijze waarop in ziekenhuizen in Europa projecten zijn gestart om de efficiency in ziekenhuizen te verbeteren, en wat hiervan de uitkomsten zijn. Ook zal er een lezing worden gegeven door een CEO van een Amerikaans ziekenhuis over de ervaringen in de Verenigde Staten. Er staan voorts plenaire en break-out sessies over efficiency projecten op de agenda. Bedrijf A heeft verklaard dat er geen enkele vorm van promotie van of educatie over bedrijf A producten zal plaatsvinden.

De bijeenkomst is bestemd voor “hospital decision makers”, waarmee leden van Directie, Raad van Bestuur en senior managers/inkopers/beleidsmakers van ziekenhuizen worden bedoeld. De bijeenkomst is niet gericht op de medisch specialist. De kosten voor de deelnemers zijn als volgt begroot:

  • Vlucht (economy class) € 300
  • Overnachting hotel 2 nachten € 500
  • 2 diners € 150

Bedrijf A beschikt nog niet over informatie over het hotel waarin de gasten zullen verblijven.

Bedrijf A heeft de Codecommissie verzocht om duidelijkheid te bieden hoe deze bijeenkomst moet worden gekwalificeerd in het kader van de artikelen 8 t/m 12 van de GMH.

Toepasselijkheid van Gedragscode Medische Hulpmiddelen (GMH)

Bedrijf A is een internationaal opererende leverancier van medische hulpmiddelen en is lid van een van de bij de GMH aangesloten brancheorganisaties. Bedrijf A wordt in het kader van deze adviesaanvraag derhalve beschouwd als leverancier in de zin van art. 1 onder d GMH. Het forum is bestemd voor personen, die te kwalificeren zijn als zorgprofessionals in de zin van art. 1 onder b GMH: het gaat hier immers om personen die beslissen over, althans betrokken zijn bij besluiten over de aanschaf of het gebruik van medische hulpmiddelen. Bedrijf A is voornemens de kosten voor de deelnemers aan het forum voor haar rekening te nemen, zodat sprake is van een interactie tussen een leverancier en zorgprofessionals in de zin van art. 1 onder f GMH (zie ook advies 14.05).

Beoordeling van de adviesaanvraag

Bedrijf A stelt in essentie de vraag in welke categorie van bijeenkomsten, die de GMH kent, het Forum valt. De GMH noemt in artikel 8 lid 1 vier soorten bijeenkomsten, die achtereenvolgens in de artikelen 9 t/m 12 worden uitgewerkt.

Er is geen sprake van een door een onafhankelijke derde georganiseerde bijeenkomst, noch van een product gerelateerde bijeenkomst of een geaccrediteerde bijeenkomst. Dat betekent dat de artikelen 9 t/m 11 niet van toepassing zijn.

De bijeenkomst kan dan ook niet anders dan vallen onder artikel 12: het is een overige door een leverancier georganiseerde bijeenkomst.

Dit betekent dat de bijeenkomst en een bijdrage aan de kosten voor deelname hieraan uitsluitend mogelijk zou kunnen zijn indien aan de voorwaarden van art. 12 wordt voldaan. Art. 12 lid 2 GMH stelt voorwaarden aan het programma, de locatie en de kosten:

  1. het programma is qua programma-opbouw evenwichtig en redelijk, en bevat geen recreatieve en sociale activiteiten die geen verband houden met de bijeenkomst;
  2. de locatie is qua ligging en faciliteiten gerechtvaardigd, en
  3. de kosten zijn redelijk en mogen niet meer bedragen dan € 75,- per persoon (per bijeenkomst).

Bedrijf A stelt in de adviesaanvraag dat de toepasselijkheid van artikel 12 GMH met zich zou brengen dat de kosten die bedrijf A voor haar rekening zou mogen nemen, maximaal 75 euro per deelnemer mogen zijn. Zij suggereert in de adviesaanvraag dat dit maximum uitsluitend zou gelden voor nationale bijeenkomsten.

Hieromtrent overweegt de Codecommissie als volgt. Noch de tekst van de Code, noch de toelichting daarbij, noch eerdere adviezen geven aanleiding tot een interpretatie zoals door bedrijf A voorgestaan. Dit maximumbedrag geldt derhalve ongeacht of het gaat om een bijeenkomst in Nederland dan wel een bijeenkomst in het buitenland.

De ruimere financiële bijdrage die mogelijk is als het gaat om bijeenkomsten die vallen onder de artikelen 9 t/m 11, vindt haar rechtvaardiging in respectievelijk het feit dat de bijeenkomst door een onafhankelijke derde is georganiseerd (art. 9), het feit dat de bijeenkomst noodzakelijk is in het kader van een mogelijke beslissing over aankoop (art. 10) dan wel het feit dat de bijeenkomst bijdraagt aan educatie en ontwikkeling, blijkend uit accreditatie door een onafhankelijke erkende instantie (art. 11). Een rechtvaardiging om in andere gevallen dan in de code genoemd eveneens een ruimere financiële bijdrage toe te staan, is er naar het oordeel van de Codecommissie niet.

De enige mogelijkheid die bedrijf A heeft om een hogere bijdrage in de kosten van deelnemers te leveren, is accreditatie van het Forum. De Codecommissie merkt ten overvloede op dat, ook als accreditatie wordt verleend, ook moet worden voldaan aan de eisen rond het programma en de locatie. De thans overgelegde informatie over het programma en de locatie is daarvoor op dit moment te summier. Zo blijkt uit de informatie dat er op de eerste dag geen inhoudelijk programma is, maar uitsluitend een diner, en dat de tweede dag bestaat uit plenaire lezingen voor de lunch en na de lunch outbreak sessions, waarna het Forum wordt afgesloten met een diner.

Deze informatie is onvoldoende om op dit moment te beoordelen of het programma evenwichtig en redelijk is. Ten aanzien van de locatie geldt dat het niet onbegrijpelijk is dat deze bijeenkomst in Barcelona plaatsvindt, gezien het feit dat het kennelijk gaat om een internationale bijeenkomst waarvoor deelnemers uit meerdere landen worden uitgenodigd. Over de locatie (het hotel) waar het Forum wordt gehouden en de deelnemers verblijven is nog geen informatie beschikbaar, zodat dat niet kan worden getoetst.

Conclusie

De voorgelegde bijeenkomst is te kwalificeren als een bijeenkomst in de zin van art. 12 GMH. Het maximumbedrag van € 75 geldt ook voor bijeenkomsten die niet in Nederland plaats vinden

 

Den Haag, 29 juni 2017

Prof. mr. C.J.J.C van Nispen, voorzitter Codecommissie GMH

Nummer:

A17.01

Onderwerp(en):

Sponsoring bijeenkomsten

Type:

Advies

Instantie:

Codecommissie

Datum advies:

29-06-2017

Relevante artikelen:

Art. 12, art. 11

Het officiële document:

Print deze uitspraak