A13.04 Toelaatbaarheid unrestricted educational grants
Achtergrondinformatie
Aan de Voorzitter van de Codecommissie van de stichting Gedragscode Medische Hulpmiddelen (hierna: de voorzitter) is op grond van artikel 37 van het Reglement van de Codecommissie en Commissie van Beroep een vraag voorgelegd die betrekking heeft op de toelaatbaarheid van zogeheten ‘grants’.
Bedrijf X heeft aangegeven dat deze vraag betrekking heeft op twee situaties:
- het uitschrijven van een tender waarin gevraagd wordt om een ‘unrestricted educational grant’ op te nemen;
- een ‘educational grant’ (bijvoorbeeld fellowship ondersteuning) waarbij een bedrag wordt opgenomen voor congresbezoek van de fellow.
Bedrijf X vraagt zich af of honorering van deze verzoeken in strijd is met de GMH.
Toepasselijkheid van Gedragscode Medische Hulpmiddelen
De voorgelegde vraag is meer in algemene zin gesteld, zonder dat er meer concrete informatie over een specifieke casus bekend is gemaakt. De vraag is op verzoek van de voorzitter nader toegelicht aan de hand van enkele praktijkvoorbeelden, die echter geen van allen een complete casus vormden. De voorzitter zal zich dan ook beperken tot het in algemene zin bespreken van de toelaatbaarheid van het geven van ‘unrestricted education grants’.
De voorzitter verstaat onder een ‘grant’ een financiële bijdrage. Aan de besteding van een ‘unrestricted educational grant’ zijn geen voorwaarden verbonden. In een ‘educational grant’ kan – gedeeltelijk – een bestemming zijn opgenomen voor de besteding ervan. Alhoewel de voorzitter de voorkeur zou geven aan Nederlandse termen hiervoor, zal in dit advies de Engelse terminologie worden gebruikt, omdat de genoemde Engelse termen in de praktijk (kennelijk) vaak worden gebruikt en zo ook bekend zijn.
Een ‘grant’ is te kwalificeren als een op geld te waarderen voordeel in de zin van art. 1 f van de GMH. Er is sprake van een interactie in de zin van art. 1 f van de GMH-code als deze ‘grant’ wordt gegeven door een leverancier van medische hulpmiddelen aan zorgprofessionals in de zin van art. 1b GMH.
Beoordeling van de adviesaanvraag
Zowel het aanbieden van een ‘unrestricted educational grant’, als het aanbieden van een ‘educational grant’, ongeacht of daar al dan niet een bedrag in verdisconteerd voor congresbezoek, kwalificeert als een interactie. Op grond van art. 5 GMH-code is een interactie toegestaan, mits in de vorm en binnen de kaders van de interacties die in de GMH-code zijn geregeld. In art. 5 lid 3 zijn de diverse vormen van interacties opgesomd; de eisen die aan deze interacties worden gesteld zijn in de daarop volgende artikelen in de GMH-code uitgewerkt.
Uit het woord ‘unrestricted’ volgt dat er geen voorwaarden worden gesteld aan de financiële bijdrage (de ‘grant’). De voorzitter sluit niet uit dat dit bedoeld kan zijn om onafhankelijkheid en integriteit te bewaken. Dit kan echter niet afdoen aan het uitgangspunt dat de GMH-code nu juist wél voorwaarden stelt aan financiële bijdragen, in welke vorm dan ook gegeven of aangeboden. Reeds om die reden kan een financiële bijdrage nooit in algemene zin ‘unrestricted’ zijn; er zal altijd moeten worden voldaan aan de regels van de GMH-code.
Welke regels dat precies zijn, hangt af van het doel van de ‘grant’. Als in deze financiële bijdrage – een deel van – de kosten van deelname aan een bijeenkomst worden zijn verdisconteerd – zoals een congresbezoek – zal moeten worden voldaan aan de regels voor financiële bijdragen in de kosten voor deelname aan bijeenkomsten, zoals vastgelegd in de artt. 8 t/m 12. Als de financiële bijdrage betrekking heeft op een andere activiteit of project, zijn de volgende regels van toepassing:
- 15: voor de sponsoring van projecten of activiteiten (anders dan de sponsoring van bijeenkomsten);
- 16: voor de sponsoring van studiebeurzen
- 17: voor de sponsoring van onderzoek.
Van geval tot geval zal steeds geanalyseerd moeten worden waar de financiële bijdrage van de leverancier voor bestemd is, om een en ander vervolgens te toetsen aan de regels die op die specifieke situatie van toepassing zijn.
De afspraken over de ‘grant’ zullen in ieder geval ook schriftelijk moeten worden vastgelegd. Zie:
- 8 lid 3 met betrekking tot financiële bijdragen aan bijeenkomsten
- 15 lid 2 onder c., art. 16 lid 1, en art. 17 lid 1 onder d, met betrekking tot sponsoring van projecten/activiteiten resp. studiebeurzen resp. onderzoek.
De GMH-code gaat ervan uit dat uit die vastlegging waarborgt dat partijen zich bewust zijn van de voorwaarden die de GMH-code stelt en zich daar ook aan zullen houden. De ‘restricties’ die de regels stellen, zullen derhalve uit de schriftelijke vastlegging moeten blijken.
Conclusie
Het aanbieden of geven van een financiële bijdrage zonder dat daar enige voorwaarden aan worden gesteld, is niet toegestaan. De financiële bijdrage zal altijd gekoppeld moeten worden aan de voorwaarden die de GMH-code stelt. De voorzitter adviseert dan ook om de term ‘unrestricted educational grant’ dan wel (Nederlandse) variaties van deze term, niet (meer) te gebruiken, omdat dat ten onrechte de indruk wekt dat er geen enkele restricties zouden zijn. Het komt de voorzitter voor dat dit onwenselijk is; het moet voor alle betrokken partijen volstrekt helder zijn dat de GMH nu eenmaal voorwaarden stelt, juist om onafhankelijkheid en integriteit te bewaken.
Den Haag, 27 mei 2013
Mr P. van Regteren Altena, voorzitter Codecommissie GMH
Nummer:
A13.04
Onderwerp(en):
Sponsoring bijeenkomsten, Sponsoring projecten
Type:
Advies
Instantie:
Codecommissie
Datum advies:
27-05-2013
Relevante artikelen:
Art. 5, art. 8 t/m 12, art. 15 t/m 17
Het officiële document: