A14.05 Door leverancier georganiseerd VIP-diner

Aan de Codecommissie van de stichting Gedragscode Medische Hulpmiddelen (hierna: de Codecommissie) is op grond van artikel 37 van het Reglement van de Codecommissie en Commissie van Beroep de vraag voorgelegd of een breed opgezet VIP-diner voor de relaties van een bedrijf, dat naast activiteiten als leverancier van medische hulpmiddelen ook een groot aantal andere bedrijfsactiviteiten ontplooit, is toegestaan onder art. 12 GMH.

Achtergrondinformatie

Bedrijf X (hierna: de Adviesaanvrager) organiseert al jarenlang het VIP-diner. Dit is een bijeenkomst waarbij Adviesaanvrager gasten uit het bedrijfsleven, overheid, politiek, wetenschap en kennisinstellingen uit de sport- en cultuursector een platform biedt om maatschappelijke thema’s te bespreken. Een key-note speaker van internationale allure (opmerking: voorbeelden meegestuurd bij adviesaanvraag) geeft een inhoudelijke invulling aan de bijeenkomst en biedt stof tot verdere discussie onderling. De genodigden zijn relaties van de directie van de Adviesaanvrager, vanuit de volle breedte van de organisatie (Industry, Energy, Infrastructure & Cities en Healthcare). Uitgenodigd worden onder anderen:

  • topmanagement zoals Raad van Bestuur, directie uit diverse sectoren;
  • ambtelijke top van ministeries evenals ministers en staatssecretarissen;
  • volksvertegenwoordigers (leden Eerste en Tweede kamer), B&W diverse gemeenten;
  • vertegenwoordigers internationale

Het programma van de bijeenkomst heeft al jaren dezelfde opbouw en luidt als volgt:

  • ontvangst
  • aanvang diner – voorgerecht
  • welkomstwoord voorzitter van de Raad van Bestuur
  • tussengerecht
  • keynote spreker
  • hoofdgerecht
  • cultureel intermezzo (10 minuten, waarbij de gasten aan tafel blijven zitten)
  • dessert en koffie

De bijeenkomst vindt plaats in het bedrijfsrestaurant van het kantoorgebouw van de Adviesaanvrager. Mede ten gevolge van het feit dat de bijeenkomst in het bedrijfsrestaurant plaatsvindt bedragen de kosten van het evenement minder dan € 75,- per persoon.

Adviesaanvrager heeft de Codecommissie verzocht het VIP-diner te toetsen aan art. 12 van de Gedragscode Medische Hulpmiddelen.

Toepasselijkheid van Gedragscode Medische Hulpmiddelen (GMH)

Over de toepasselijkheid van de GMH stelt de voorzitter van de Codecommissie het volgende vast. Adviesaanvrager is een internationaal concern dat een grote diversiteit aan bedrijfsactiviteiten ontplooit op onder meer de markten voor consumentenproducten, energie, communicatie, mobiliteit, industrie en gezondheidszorg. In de hoedanigheid van leverancier van medische hulpmiddelen en medische technologie is Adviesaanvrager lid van een van de bij de GMH aangesloten brancheorganisatie. Adviesaanvrager wordt in het kader van deze adviesaanvraag derhalve beschouwd als leverancier in de zin van art. 1 onder d. GMH. Het diner wordt aangeboden aan diverse personen, waaronder ook (enige) zorgprofessionals in de zin van art. 1 onder b GMH. Dat betekent dat er sprake is van een interactie in de zin van art. 1 onder f GMH.

Beoordeling van de adviesaanvraag

Allereerst is de kwalificatie van de interactie aan de orde. De voorzitter stelt vast dat uit de adviesaanvraag blijkt dat sprake is van een door de Adviesaanvrager georganiseerde bijeenkomst, waaraan wordt deelgenomen door relaties van de directie van de Adviesaanvrager. Het betreft relaties uit de volle breedte van de activiteiten van het concern. Naast stakeholders op het deelgebied Healthcare worden ook stakeholders uitgenodigd uit sectoren die door Adviesaanvrager worden aangeduid als Industry, Energy, Infrastructure & Cities. Voor deze laatste groep kan worden aangenomen dat deze niet bestaat uit zorgprofessionals in de zin van art. 1 onder b GMH.

Voor wat betreft de genodigden die wel actief zijn binnen de gezondheidszorg kan niet op voorhand worden vastgesteld dat zij allemaal zullen worden beschouwd als zorgprofessional in de zin van art. 1 onder b GMH. Op grond van deze definitie worden als zorgprofessional aangemerkt “natuurlijke personen die in het kader van zorg of ondersteuning zelf medische hulpmiddelen gebruiken en/of over de aanschaf of het gebruik daarvan beslissen en/of betrokken zijn bij het proces rond het voorschrijven, selecteren, aanmeten van en/of adviseren over het gebruik van medische hulpmiddelen”. Leden van raden van bestuur of directies van zorginstellingen vallen onder deze definitie omdat zij onder andere betrokken kunnen zijn bij beslissingen over de aanschaf van medisch hulpmiddelen. Hetzelfde geldt voor wethouders en andere vertegenwoordigers van gemeenten die bij de inkoop van zorg betrokken zijn (in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning). Voor andere genodigden die actief zijn in de gezondheidszorg, waaronder leden van de ambtelijke top, leden van de Eerste en Tweede Kamer en vertegenwoordigers van de internationale diplomatie geldt dit niet. Zij zullen derhalve niet als zorgprofessional in de zin van art. 1 onder b GMH worden beschouwd.

De voorzitter van de Codecommissie concludeert dat sprake is van een bijeenkomst die wordt georganiseerd door een bedrijf, dat onder meer optreedt als leverancier van medische hulpmiddelen, en dat de beoogde doelgroep die voor de bijeenkomst zal worden uitgenodigd in beperkte mate zal bestaan uit personen die kwalificeren als zorgprofessional in de zin van de GMH.

Dit betekent dat de bijeenkomst – voor zover het de relatie tussen Adviesaanvrager als leverancier van medische hulpmiddelen en de deelnemers die vallen binnen de definitie van zorgprofessional betreft – kan worden gekwalificeerd als een bijeenkomst in de zin van art. 12 GMH.

De voorzitter neemt daarbij echter uitdrukkelijk wel het doel, de aard en de opzet van de bijeenkomst in ogenschouw. Aangetoond dan wel aannemelijk is dat slechts een zeer gering percentage van de aanwezigen zorgprofessional is en overigens het programma breed van opzet is waarbij een maatschappelijk thema centraal staat.

Voor zover van toepassing zal de voorzitter met deze achtergrond rekening houden bij de beoordeling van de vraag of de door de Adviesaanvrager te organiseren bijeenkomst voldoet aan de voorwaarden zoals vermeld in artikel 12 lid 2 GMH.

De eisen waaraan moet worden getoetst zijn:

  1. het programma is qua programma-opbouw evenwichtig en redelijk, en bevat geen recreatieve en sociale activiteiten die geen verband houden met de bijeenkomst;
  2. de locatie is qua ligging en faciliteiten gerechtvaardigd, en
  3. de kosten zijn

Het programma

De bijeenkomst wordt in de adviesaanvraag omschreven als een VIP-diner. Uit het meegestuurde programma blijkt dat de hoofdactiviteit van de bijeenkomst bestaat uit een diner, waarbij gedurende dit diner door middel van voordrachten en discussie aandacht wordt besteed aan een algemeen, maatschappelijk relevant inhoudelijk thema. Gelet op de eerder geschetste opzet en context van de bijeenkomst, de status van de sprekers en de thema’s die in voorgaande jaren aan de orde zijn geweest gaat de voorzitter ervan uit dat de aandacht die aan het thema zal worden besteed wezenlijk en substantieel is.

De voorzitter stelt verder vast dat gedurende het diner een muzikaal intermezzo van maximaal 10 minuten is ingelast. Gelet op de beperkte duur van dit intermezzo en het feit dat het diner daarvoor niet wordt onderbroken komt de voorzitter tot de conclusie dat een dergelijk intermezzo, mede in het licht van het hierboven omschreven bijzondere karakter van de bijeenkomst, niet kan worden beschouwd als recreatieve en sociale activiteit die geen verband houdt met de bijeenkomst.

Het programma van de bijeenkomst is derhalve evenwichtig en redelijk.

De locatie

De bijeenkomst vindt plaats in het bedrijfsrestaurant van het kantoorgebouw van Adviesaanvrager. De voorzitter van de Codecommissie acht deze locatie gerechtvaardigd. Er is gekozen voor de eigen kantoorfaciliteiten, die gelegen zijn op een centrale locatie. Het is niet aannemelijk dat deze faciliteiten als dermate aantrekkelijk zullen worden beschouwd, dat zij de reden zijn voor zorgprofessionals om aan de bijeenkomst deel te nemen.

De locatie waar de bijeenkomst plaats vindt is derhalve gerechtvaardigd.

De kosten

De kosten voor de organisatie en het diner bedragen volgens de opgave van de Adviesaanvrager niet meer dan € 75,- per persoon. Gelet op het feit dat de bijeenkomst georganiseerd wordt in het eigen kantoor van Adviesaanvrager en aldaar van de eigen restaurantfaciliteiten gebruik wordt gemaakt, acht de voorzitter van de Codecommissie dit aannemelijk. De kosten die Adviesaanvrager voor zijn rekening neemt zijn derhalve redelijk.

Conclusie

De voorgelegde bijeenkomst voldoet aan de voorwaarden zoals gesteld in art. 12 GMH.

 

Den Haag, 23 juni 2014

Mr P.N. van Regteren Altena, voorzitter Codecommissie GMH

Nummer:

14.05

Onderwerp(en):

Individuele gastvrijheid bijeenkomsten, Divers

Type:

Advies

Instantie:

Codecommissie

Datum advies:

23-06-2014

Relevante artikelen:

Art. 12

Het officiële document:

Print deze uitspraak